Dichtbij | Beleggen in een lijfrenteverzekering

Vermogensbeheer Friesland beheert een tweetal portefeuilles voor de Nederlandse deelnemers aan de beleggingslijfrente van levensverzekeringsmaatschappij Bâloise te Luxemburg. Vermogensbeheer Friesland heeft hiervoor speciaal twee portefeuilles ontwikkeld:

  • Meerwaarde: deze bestaat voor 100% uit aandelen
  • Stabiel: deze bestaat voor 100% uit obligaties

De verzekerde kiest het risico van zijn/haar polis door de meest geschikte verdeling van aandelen en obligaties. De verzekeringnemer kan zelf kiezen voor welk percentage hij wil beleggen in ‘Meerwaarde’ en ‘Stabiel’. De in overleg vastgestelde gewenste samenstelling, die voor iedereen verschillend kan/zal zijn, wordt dus bepaald door te kiezen voor een gedeelte in aandelen en een deel in de obligatieportefeuille. In principe dus niet veel anders dan de risicobepaling die op individueel niveau gebeurt in samenwerking met de accountmanager van Vermogensbeheer Friesland voor de individuele portefeuilles.

Voorbeeld
Er wordt een koopsom gestort van € 100.000,00. De verzekeringnemer kiest voor een verdeling van 60% in portefeuille ‘Stabiel’ en 40% in ‘Meerwaarde’. De weekkoersen zien er als volg uit:

  • Meerwaarde, koers € 35,00 per eenheid
  • Stabiel, koers € 20,00 per eenheid
  • Sterftekans, kosten en rekenrente worden even buiten beschouwing gelaten

Er wordt aangekocht:
Meerwaarde: (0,4*100000)/35= 1142,86 eenheden meerwaarde
Stabiel: (0,6*100000)/20= 3000 eenheden stabiel

Zolang de lijfrente in de opbouwfase zit mag er worden bijgestort en de koopsom is aftrekbaar.

Zodra de uitkerende fase ingaat zal er worden gekeken naar de termijn van uitkering en wordt er bijvoorbeeld in 10 jaar uitgekeerd. 

Er wordt uitgekeerd in 10 jaar:
Meerwaarde keert dan 114,29 eenheden per jaar uit tegen de dan geldende koers
Stabiel keert 300 eenheden per jaar uit tegen de dan geldende koers

Obligatieportefeuille ‘Stabiel’
De obligatieportefeuille zoals deze nu beheerd wordt voor Bâloise, wordt op dit moment niet aangeboden aan onze particuliere relaties, omdat we onvoldoende spreiding kunnen aanbrengen in een “kleine” portefeuille. In de portefeuille voor Bâloise zijn we, gelet op de grootte van de portefeuille, in staat om de aanbiedingen voor grotere coupures/aantallen op te nemen, die op dit moment nog een redelijk rendement bieden. De rentes die thans worden aangeboden en behaald in kleinere eenheden zijn dermate laag dat het te behalen rendement vrijwel nul bedraagt.

Aandelenportefeuille ‘Meerwaarde’
In de aandelenportefeuille van Bâloise kan een grote spreiding worden aangebracht waarbij een redelijk dividendrendement een belangrijke voorwaarde is. In de praktijk worden dezelfde aandelen opgenomen die we ook in een portefeuille opnemen die voor 100% uit aandelen is opgebouwd. Het risico van deze portefeuille is relatief hoog vanwege de onderliggende grote beweeglijkheid van aandelen en wordt vrijwel niet aangeboden aan individuele cliënten. Een dergelijke portefeuille is slechts voor een beperkt aantal cliënten van toepassing; immers niet iedereen heeft een risicoprofiel dat past bij een dergelijke invulling. 

Spreiding op basis van sectoren
Waar we tot vorig jaar met name gericht waren op de verschillen in de economische ontwikkeling van de diverse landen en regio’s, richten we ons beleid thans veel meer op de bestaande verschillen in de sectoren van de economie. De ontwikkeling van de consumptieve sector zal in het algemeen immers meer of minder sterk afwijken van de industrie, mijnbouw of onroerend goed. In de aandelenindex van een land zijn alle sectoren vertegenwoordigd. De gunstige koersontwikkeling van de ene sector zal getemperd worden door een minder goede of zelfs slechte ontwikkeling in een andere: met andere woorden de beursindex is een gemiddelde. Door de te kiezen voor, in onze ogen, de beste aandelen menen we een beter resultaat te kunnen bereiken dan het gemiddelde van de beurs.

Samenhang & correlatie
Deze verandering in ons beleggingsbeleid is mede ingegeven door de wijzigingen in de samenhang en correlatie tussen de verschillende beleggingsobjecten. Sinds het aantreden van Draghi als voorzitter en beleidsbepaler van de ECB is de rente voortdurend gezakt en staat een stijging van de rente niet meer automatisch gelijk aan een daling van de aandelenkoersen en vice versa. Kortom: een aantal bestaande automatismen in beleggingsland is niet langer zonder meer toepasbaar. Dit betekent dat we niet meer voetstoots de oude economische theorieën van de moderne portefeuille theorie van Markowitz omtrent de keuze van de beleggingen kunnen blijven volgen en hanteren. De invloed van de ontwikkelingen van sectoren is sterker geworden dan de ontwikkeling van de economie waarvan deze sector deel uitmaakt.

Spreiding op basis van landen en/of regio’s
Uiteraard zijn er een aantal landen of regio’s met een sterk afwijkende ontwikkeling, bijvoorbeeld de Emerging Markets. Hier zijn de effectenbeurzen en informatievoorziening soms nog niet zo goed ontwikkeld als we zouden wensen. In dat geval is het niet opportuun om ons te richten op sectoren of uitgeselecteerde aandelen en zullen we ons blijven richten op een land of regio als geheel. Deze keuze zal mede ingegeven zijn door soms ongrijpbare valutaire ontwikkelingen. We zullen dan kiezen voor een mandje van aandelen, waarbij de keuze van de onderliggende aandelen wordt overgelaten aan derden.